Het Imago van de Luchtvaart

Rationeel Bijsturen!

Even een flash back naar begin van dit jaar. De locatie: een podium in een grote zaal, ter gelegenheid van een vakantiesalon. De aanleiding: Het Grote Luchtvaartdebat, georganiseerd en gemodereerd door Travel360°. In het panel: de CEO’s van een nationale airline, een nationale airport, twee regionale airports en twee middelgrote airlines. Het onderwerp: diverse punten, met één rode lijn: de toekomst van de luchtvaartindustrie.

 Het was een goed, levendig debat. We hebben er al uitgebreid over geschreven in onze Travel360° Benelux kanalen. Vandaag, zo’n tien maanden verder, is er één uitspraak die bij mij is blijven hangen. En die blijkbaar, zowel in Nederland als in België, steeds relevanter wordt. En waar we dringend over moeten nadenken.

 Het was een topman van TUI fly die de volgende uitspraak deed: “We moeten ons als luchtvaartindustrie één zaak goed realiseren. De reisbranche is een zeer leuke, dankbare en populaire sector. Elke consument praat graag over reizen, het brengt mensen samen, het is een aangename activiteit. De media schrijven er vaak over, het wordt gretig gelezen en gedeeld, elke politicus wil het toerisme steunen.”

 “Maar er is één onderdeel van die hele reisindustrie, een essentieel onderdeel, dat men minder leuk vindt: de luchtvaart. Wij komen met onze grote, lawaai makende toestellen, wij worden aanzien als grootvervuilers, wij hebben kilometers beton en honderden, duizenden vierkante meters aan gebouwen nodig, wij vliegen ’s morgens vroeg en ’s avonds laat, wij stijgen op en landen met veel gedruis, soms houden wij mensen wakker, en wij worden geassocieerd met milieuhinder, geluidshinder, luchtvervuiling en fossiele brandstof. Dàt, dames en heren, is ons imago. En dàt is de reden waarom wij de openbare opinie vaak tegen hebben, en dàt is de reden waarom politici ons meestal niet in het openbaar steunen. Dàt is de realiteit, en daar moeten wij in alles wat we doen mee rekening houden. Wij kunnen met dit imago de harten van de mensen niet veroveren. Wij zullen het dus altijd moeten doen met keiharde, rationele argumenten.”

 Deze uitspraak is mij bijgebleven. Het citaat hierboven zit nog steeds vrijwel letterlijk in mijn hoofd. En deze uitspraak blijft door mijn hoofd spoken, als ik het politiek geknoei en de holle woorden rond de capaciteit van Schiphol opmerk: jaren geleden is door een club beslist hoe hoog het maximum aantal vliegbewegingen mag zijn, niet rekening houdend met technische ontwikkelingen en een veranderende samenleving. Ik moet denken aan de woorden van de TUI fly topman als ik zie hoe er rond Lelystad een spookverhaal wordt opgehangen over een luchthaven die open zal gaan, maar waarvoor blijkbaar eerst het luchtruim anders moet ingevuld worden, en die uiteindelijk pas binnen –tig jaar op voldoende capaciteit zal mogen en kunnen draaien. Ik moet aan deze uitspraken denken, als ik lees dat de nieuwe Nederlandse regering een oud, slecht plan weer heeft bovengehaald met oude en slechte argumenten: de vliegtaks.

 Het citaat past overigens even goed naadloos in het hopeloze geknoei in België over een vliegwet, over geluidsnormen en over de uitbreidingsplannen van Brussels Airport. De woorden in het citaat worden elke dag keiharde werkelijkheid als je ziet hoe politici zich in bochten wringen om vliegroutes te wijzigen, om boetes uit te schrijven maar niet te innen, en om subsidies met kromme argumenten – eigenlijk met leugens- toe te kennen en dan weer terug te eisen.

 Geen enkele politicus wil zich vereenzelvigen met de luchtvaart industrie, omdat het moed vraagt om het hierboven beschreven beeld te nuanceren, juist te kaderen en de consument te wijzen op de belangrijke rol van de luchtvaart in de economie, maar ook –en vooral- in de samenleving. Het vraagt moed om als politicus te erkennen: de luchtvaart is nodig, en we willen met z’n allen méér vliegen – en dat is niet fout.

 De luchtvaartsector kan dus maar op één manier reageren: met een gecoördineerd, grenzen overschrijdend communicatie- en lobbying offensief gebaseerd op keiharde cijfers, rationele analyses en duidelijke, niet voor misinterpretatie vatbare, argumenten.

 De luchtvaart vindt zichzelf een geweldige sector – wie er werkt, heeft een emotionele binding met zijn of haar branche. Maar we moeten ons wel realiseren: buiten de eigen sector, is de luchtvaart niet populair. Dat is een wedstrijd die we niet kunnen winnen. We moeten dus de samenleving overtuigen met duidelijkheid. Eerlijke cijfers over CO2 uitstoot, over geluidshinder, over economische bijdragen, over tewerkstelling, over het aantal mensen dat het vliegtuig nodig heeft om te reizen, om goederen op de juiste plaats te krijgen, om zaken te doen, om op vakantie te gaan: deze cijfers moeten via alle kanalen in het collectieve bewustzijn geramd worden. Heel belangrijk: het moeten steeds dezelfde cijfers zijn, steeds dezelfde argumenten. Controleerbaar, vergelijkbaar en objectief.

 Overigens: een beschrijving van een samenleving zonder een groeiende luchtvaartsector, zou ook een sterk argument zijn. We zouden er met z'n allen zowel economisch als emotioneel en op vlak van levenskwaliteit op achteruitgaan. Het zou voor sommigen misschien een aardig, romantisch-melancholisch beeld opleveren. Maar ook hier geldt: nostalgie is goed voor rustige herfstavonden bij het haardvuur. Maar het is geen goed model om een samenleving te doen vooruitgaan.

 

2/11/2017 - door Jan Peeters

Reageer