Nieuwe landen, nieuwe bestemmingen?

Catalonië en méér

Met dit artikel mengen we ons in een explosieve discussie: de wens van bepaalde regio’s om zich af te scheiden van het “moederland” en de onafhankelijkheid uit te roepen. De politieke motivaties, de emotionele drijfveren en de historische aanleidingen zijn vaak een onduidelijk kluwen. Daar blijven we uit. Maar we willen wel een discussie openen: is zo’n onafhankelijke regio een goede of slechte zaak voor het toerisme?

 Binnen Europa is de “Catalaanse kwestie” uiteraard hot nieuws. In België kennen we ook iets van separatistische onderstromen. Maar in veel Europese regio’s roert er al jaren iets dergelijks. Meestal gaat het om een vrij beperkte politieke stroming, maar het zou wel eens kunnen dat, als één regio erin slaagt om zich af te scheuren, dat er dan meerdere zullen volgen.

 Een onafhankelijks ideaal leeft bij minstens een deel van de bevolking in Spaans Baskenland, Lombardije, de streek rond Venetië, Zuid-Tirol, Beieren en Schotland. En in Vlaanderen. We horen ook af en toe dergelijke geluiden uit Friesland, trouwens.

Bij de meeste van deze “bewegingen” gaat het meestal om een mix van emotie, naijver en nostalgie naar een verleden dat wellicht definitief voorbij is – of in vele gevallen nooit echt bestaan heeft. De verzuchting naar “onder ons te zijn” en “zelf doen we het beter” is ook nooit veraf. Je kan het eens zijn met bepaalde van deze wensen, je kan geloven in een “Europa van de regio’s” – that’s up to you, beste lezer.

 Voor de ontwikkeling van het toerisme betekent een dergelijke beslissing echter nogal wat. Het gaat over het algemeen om regio’s met een hoog toeristisch potentieel, die zich vandaag op vlak van toeristische marketing, al “apart” positioneren: binne Catalonië wordt en gewerkt aan de marketing van de “Costa Barcelona”, Venetië is een bestemming op zich, net als –in mindere mate- Beieren en Lombardije. De grote vraag is: zal een eventuele afscheiding, het toeristisch potentieel van het “nieuwe land” versterken of juist verminderen?

 Als men het verstandig speelt, zou het moeten leiden tot een versterking van het toeristisch potentieel van de regio. Immers: een kleinere regio kan zich meer concentreren op de unieke verkoopargumenten, op de uitzonderlijke toeven en op de verborgen pareltjes. In de bestemming concurrentie is micro marketing vaak dankbaarder op de lange termijn dan het promoten van een breed bestemmingsgebied.

 Voorbeelden van regio’s die hun nationale status op vlak van toerisme bestemmingen overschrijden zijn : de Canarische Eilanden, Madeira, Mallorca, De Provence en zelfs regio’s zoals de Moezelstreek en Toscane. Elk van deze bestemmingen roepen beelden op, die niet noodzakelijk nog een link hebben met respectievelijk Spanje, Portugal, Frankrijk, Duitsland of Italië. De bestemmingen leiden een toeristisch leven op zichzelf.

 Het zou dus best kunnen dat een eventuele afsplitsing van regio’s die hunkeren naar zelfbestuur, hen op lange termijn winst kan opleveren als goed gepositioneerde toeristische bestemming.

 Op korte termijn zijn er uiteraard gevaren en bedreigingen: de huidige onrust in Catalonië doet vakantiegangers aarzelen om naar Barcelona af te reizen, en de mogelijke verhuizing van grote bedrijven zal per definitie slacht zijn voor het zakentoerisme. De Brexit onderhandelaars slaapwandelen zichzelf steeds meer richting een héél slecht verhaal, waar elke dag meer onzekerheid en chaos dreigt.

 Dit laatste is precies het grote gevaar voor het toerisme op korte termijn: de spanningen tussen de regionale activisten en de centrale staten levert steevast agressieve verklaringen op, die snel kunnen overgaan in daadwerkelijke agressie. Een terugkeren naar actieve grenscontroles om nog maar te zwijgen van een terugtrekking uit de Euro zou, samen met andere administratieve verplichtingen, een rem zetten op toerisme stromen.

 Puur vanuit het gezichtspunt van de toerisme-industrie is er dus een korte- en een lange termijn aspect aan een eventueel “tijdperk van afscheiding”. Als we denken aan de product- en marketingmogelijkheden, lijkt het voor vele regio’s een positieve ontwikkeling. Als we denken aan de puur economische en operationele elementen, dan licht er in vele gevallen een nachtmerrie in het vooruitzicht. Dat wordt nog op eieren lopen voor accommodatie-inkopers in Catalonië, Veneto en wellicht binnenkort Spaans Baskenland.

 Hoe dan ook: als Europa er zou uitzien zoals de kaart hieronder aangeeft, dan geeft dat voor de toerisme-industrie mogelijkheden en hoofdpijn. Maar het is wel een onderwerp om even heel objectief, zonder enige voorkeur of emotie, over na te denken.

 

 

 

22/10/2017 - door Jan Peeters