Horeca vs Reissector

19/10/2020 door Jan Peeters

Gesloten vs Open?

Vanaf vandaag is de horeca in België, in navolging van de Nederlandse situatie, dicht. Samen met deze loodzware mededeling voor horeca ondernemers werd er een breed steunplan aangekondigd. Terecht. Vele reisprofessionals zijn verontwaardigd en zelfs woedend omdat nergens in de aankondiging van het Overlegcomité verwezen werd naar de situatie en het gebrek aan direct toekomstperspectief van de reisbranche. Ook terecht.

Ook de evenementen sector voelt zich vergeten en in de hoek gedrukt. Nochtans hebben zij in de afgelopen maanden hun boodschap breed kunnen brengen, soms met een onnodige sneer naar de reisbranche. Sommigen hebben het moeilijk om in stresserende tijden hun manieren te houden, heb ik zelf in mijn mailbox al opgemerkt. Maar dit terzijde.

Onbekend is Onbemind

Ondanks het harde werk van de verschillende beroepsverenigingen en ondanks de lovenswaardige inspanningen van onder andere SOS Travel, blijft de reissector vrijwel overal in Europa de “onbekend is onbemind” positie behouden. Dat is het resultaat van een sector die een snelle evolutie koppelt aan een hopeloze versnippering. Vind mij de politicus die, zelfs vandaag, uit kan leggen hoe een “georganiseerde reis” in elkaar zit, en welke spelers er welke rol hebben in de creatie en uitvoering van een vakantie- of zakelijke reis. Een test: vraag hen hoe hun laatste vakantie volgens hen tot stand is gekomen. Ze hebben er geen benul van.

Overigens: dat geldt ook voor pakweg 99% van de consumenten. Het feit dat een reis een cumulatie is van verschillende diensten die aangeboden worden door verschillende spelers, is even moeilijk verkoopbaar als begrijpbaar. En, laten we eerlijk zijn: in het verleden hebben we niet bepaald veel moeite gedaan om dit alles uit te leggen aan de consument.

Nu wel.

Toen de corona vouchers werden gelanceerd, moesten we wel een stevige tip van de “follow the money” sluier oplichten. Dat was niet aangenaam: er kwamen nogal wat zaken naar boven, die moeilijk uit te leggen zijn. De “I take the money and you can kiss my ass” attitude van bepaalde airlines bijvoorbeeld. Of de reis die het geld van de klant moet afleggen.

Vandaag heerst de perceptie bij de overheid en de consument dat, terwijl de horeca dicht gaat, de reisbranche al heel lang weer “open” is. Immers: heel veel mensen gingen op vakantie deze zomer – so why worry?

Hier klemt het schoentje.

Er wordt in de publieke opinie nauwelijks onderscheid gemaakt tussen reizen, georganiseerd door de reisbranche, en het niet georganiseerde circuit. En, voor de goede orde: steek platformen als booking.com, Trivago en alle low cost luchtvaartmaatschappijen maar bij dat laatste circuit. Deze spelers bieden noch een reis, noch enige organisatie, noch enige verantwoordelijkheid aan. Het zijn componenten, zonder de verbinding. Hun diensten staan tegenover de reisbranche zoals Hubo of Gamma tegenover aannemers of huisschilders.

Ha, dat zit zo!

Het resultaat is dat onze branche-vertegenwoordigers –zeker in België- vanaf het begin van de corona crisis met handen en voeten moesten uitleggen wat en wie “de reissector” nu eigenlijk is, en hoe een en ander werkt. Moeilijke en tijdrovende zaak, terwijl het huis in brand staat. En we zijn nog niet helemaal zeker of de boodschap begrepen werd.

Letterlijk Ongekend Omzetverlies

Hoe dan ook: de reissector stevent in het jaar 2020 af op een omzetverlies van, afhankelijk van de specifieke situatie van het bedrijf, ergens tussen de 70% en de 99%. En slechts weinigen buiten de sector hebben dit door. Sterker nog: de reissector heeft vandaag méér overheidssteun nodig dan de horeca. Want die laatsten stromen weer vol (weliswaar met corona-capaciteitsbedenkingen) vanaf het moment dat ze weer open mogen.

2020 Overleven, in 2021/22 Voorzichtig Opveren

De reissector moet, mede door overheidssteun, twee zaken kunnen doen: 2020 overleven en met vernieuwende, sterke en opwindende producten 2021 in gaan. Om beide uitdagingen te kunnen aanpakken, is er gerichte overheidssteun nodig. Gederfde omzet compensatie, kwijtschelding van RSZ bijdrage, stevige overbruggingsrechten, oplossingen voor de dertiende maand –het zijn allemaal maatregelen die op tafel liggen, en die meer dan waarschijnlijk goedgekeurd zullen worden. Maar méér zal nodig zijn. En snel.

Verlenging Economische Werkloosheid. Maar Dan Anders.

Het mag duidelijk zijn dat een verlenging van de economische werkloosheid nodig is, tot pakweg halverwege 2021. Maar er moet gesleuteld worden aan deze maatregel.

In België geldt: “als je economisch werkloos bent, dan mag je niet werken”. Een redelijk archaïsche maatregel, vooral om misbruik door bedrijven tegen te gaan.

In Nederland volgt men, voor een gelijkaardige maatregel, een andere logica. Op 17 maart 2020 werd afgekondigd : “Een ondernemer die omzetverlies verwacht (minimaal 20%) kan voor een periode van drie maanden een tegemoetkoming in de loonkosten aanvragen (maximaal 90% van de loonsom, afhankelijk van het omzetverlies). UWV (Uitvoeringsinstituut Werkverzekeringen) zal een voorschot verstrekken van 80% van de gevraagde tegemoetkoming. Hierdoor kunnen bedrijven hun personeel blijven doorbetalen. Dit heet de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW). Naarmate dat de situatie verandert, zouden de eisen om in aanmerking te komen opgeschroefd worden, en de tegemoetkoming omlaag gebracht worden.

Even kort door de bocht generaliseren in één one liner: in België krijg je een uitkering om niet te werken, in Nederland krijg je een –weliswaar uitzonderlijke- uitkering om wél te werken.

De reissector heeft in deze fase  gesubsidieerde werknemers nodig, die slimme, innovatieve maar ook operationele werken kunnen voorbereiden en uitvoeren, - terwijl er nog niet direct omzet gegenereerd wordt. De corona maatregelen hebben de reissector cash-loos achter gelaten. Om weer op te starten, is er hulp nodig. 

Stuttende Steun. Voor Iedereen.

Stevige stuttende steun is nodig voor de bedrijven zelf. Zodat de bedrijven hun andere kosten, inclusief research & development, kunnen betalen. Alleen op die manier zullen er slagvaardige reisbedrijven verschijnen “aan de andere kant van de corona crisis”.

Om te kunnen overleven én om te kunnen bouwen aan de toekomst, heeft de reissector toegang nodig tot een (nog te bepalen) Groot Steunfonds, waarbij op basis van business plannen steun kan verkregen worden.

Dat is geen subsidie: hier gaat het om overheidsinvesteringen (zonder participatie) voor een zo breed mogelijk aantal bedrijven en zelfstandigen, die kunnen gekoppeld worden aan voorwaarden, rekening houdend met de duur van de huidige situatie. Op die manier kunnen de noodzakelijke stappen naar automatisering, digitalisering, duurzaamheid en opleiding gezet worden. Zonder een dergelijk fonds zou de reissector door de corona crisis hopeloos enkele jaren worden teruggeslagen, wachtend op een minimum rendabiliteit om dit alles mogelijk te maken.

Graag citeer ik ter verdediging van deze laatste stelling professor economie Paul De Grauwe (*) in “De Tijd” van dit weekend: “Ik vind dat er geen reden is om onderscheid te maken tussen zogezegd goede en slechte bedrijven. Laat het virus niet bepalen welk bedrijf ten onder gaat. De overheid moet iedereen steunen. En nadien, als de economie opleeft, bepaalt de markt wel wie overleeft”.

En als u zich afvraagt wie dat in godsnaam zal betalen, dan heeft de professor ook een duidelijk antwoord: “Ik zie daar geen probleem. De staat leent op tien jaar tegen een negatieve rente. Het komend decennium moeten we ons daarover geen zorgen maken. Als je ten oorlog trekt, dan zeg je toch ook niet: “Ja maar, hoeveel gaat dat kosten?””

Ik zie in diverse bedrijven in de reisbranche mooie initiatieven opduiken. De corona crisis wordt nuttig besteed, de sector is klaar om met nieuwe inzichten, initiatieven en tools de markt te bestormen. Maar dit keer heeft diezelfde sector steun nodig. Die steun zal goed gebruikt worden, en zal de overheid op termijn méér opleveren dan nu de knip op de beurs te houden.

By the way: de Belgische beroepsverenigingen hebben, na de aankondigingen van vrijdag waarin de reissector niet genoemd werd, dadelijk actie genomen. Zij waren even verontwaardigd als u en ik. Naar verluidt hebben zij afspraken gemaakt voor deze week, op de diverse kabinetten.

 

(*) Paul De Grauwe sprak op één van de edities van Travel360° - The Conference. Tijdens een voorbereidend gesprek gaf  hij aan de reissector helemaal niet te kennen. Hij luisterde zeer geïnteresseerd naar mijn briefing, en op het einde had hij volgende opmerking: “ Als ik dat zo hoor hebben jullie dringend drie zaken nodig. Grotere marges, ruimte voor research & development, en enorme stappen in automatisering.” Dat was vier jaar geleden.

 

 

Lees meer...