De magie van Airbnb

Einde verhaal?

De magie van Airbnb

Er was een tijd dat Airbnb anders voelde. Je logeerde bij iemand thuis, kreeg tips over de buurt en had het gevoel dat je even deel uitmaakte van het lokale leven. Geen hotel, geen standaardkamer, maar iets persoonlijks. Dat was de magie. Alleen: wie vandaag boekt, merkt dat dat gevoel steeds vaker ontbreekt.

Niet omdat Airbnb “slecht” is geworden, maar omdat het simpelweg een andere industrie is geworden. Wat ooit begon met een extra kamer of een leegstaand appartement, is nu grotendeels een professioneel verdienmodel. Veel listings worden beheerd door partijen met tientallen woningen tegelijk. Ze zien eruit als een thuis, maar functioneren als een product. Proper, neutraal, efficiënt. En vooral: inwisselbaar.

Dat wringt. Want Airbnb is technisch ijzersterk. Zoeken en boeken gaat vlotter dan ooit. De app weet wat je wil, toont je perfecte foto’s en regelt de betaling tot op de cent. Maar zodra je aankomt, stopt die innovatie. Dan merk je dat niemand echt “ter plaatse” is. Iets kapot? Dan begint het pingpongen via berichten, regels en compensaties achteraf. Het wordt opgelost, meestal wel, maar zelden meteen. En zelden met een gevoel van verantwoordelijkheid.

Daar zit het grote verschil met hotels. Die zijn misschien minder spannend, maar wel voorspelbaar. Als er iets misloopt, is er iemand die het oplost. Niet morgen, maar nu. Dat klinkt banaal, maar net dat wordt opnieuw belangrijk. Reizen mag verrassend zijn, overnachten liever niet.

Opvallend is dat grote hotelgroepen dit perfect aanvoelen. Ze stappen steeds vaker in appartementen en aparthotels, maar doen dat op hun manier. Minder snel, minder groots, maar met duidelijke standaarden. Zelfde soort verblijf, andere logica. Niet: “we zien wel wat er gebeurt”, maar: “wij zijn verantwoordelijk”. Dat maakt het verschil tussen een leuk idee en een duurzaam model.

De voorbije jaren hebben dat ook pijnlijk duidelijk gemaakt. Heel wat snelgroeiende spelers in short-term rentals zijn tegen hun grenzen gebotst. Te veel panden, te weinig controle, te weinig winst. Het bleek moeilijker dan gedacht om hospitality te behandelen als een techbedrijf. Want hoe slim je software ook is, schoonmaak, onderhoud en service blijven mensenwerk.

Vaak wordt gezegd dat strengere regels Airbnb en co de das omdoen. Dat is maar deels waar. Regelgeving heeft vooral blootgelegd wat al wankel was. Zodra steden transparantie en vergunningen eisen, blijft er weinig ruimte over voor halfprofessionele oplossingen. Wat overblijft, zijn spelers die het echt goed georganiseerd hebben. En laat dat nu net het speelveld zijn waarin hotels zich thuis voelen.

Nu zet Airbnb alles op AI. Persoonlijke aanbevelingen, digitale concierges, een “magischer” ervaring. Dat klinkt indrukwekkend, maar het mist de kern. Een algoritme kan perfect voorspellen wat je leuk vindt, maar het kan geen defecte douche herstellen of een vuile kamer oplossen. De echte frictie zit niet in het zoeken, maar in het verblijven.

Dus ja, misschien is de magie van Airbnb aan het verdwijnen. Niet omdat het idee slecht was, maar omdat magie moeilijk standhoudt zodra alles schaalbaar, gestandaardiseerd en geoptimaliseerd wordt. Wat reizigers vandaag lijken te zoeken, is minder een verhaal, maar meer zekerheid. Geen belofte, maar uitvoering.

En misschien is dat wel de grootste verschuiving: minder wow, meer vertrouwen. Minder magie, meer realiteit.

27/01/2026 - door Pieter Weymans