De trein is altijd een beetje reizen
Europa grijpt in
Wie een treinreis probeert te boeken binnen Europa, eindigt vaak met meerdere websites, verschillende prijzen, aparte tickets en vooral één grote onzekerheid: wat gebeurt er als ik ergens mijn aansluiting mis?
Het antwoord: waarschijnlijk niets. Of beter gezegd, niets georganiseerds.
Precies dat is wat de Europese Commissie deze week probeert recht te zetten. Vandaag kwam ze met een voorstel voor dat op het eerste gezicht verrassend simpel klinkt: één reis, één ticket, volledige bescherming voor de reiziger, ook wanneer meerdere spooroperatoren betrokken zijn. De ambitie is duidelijk. Een treinreis door Europa moet even eenvoudig worden als een vlucht boeken. Eén transactie, duidelijke prijs, en garantie dat je op je bestemming geraakt, ook als er onderweg iets misloopt. Dat dit vandaag nog niet zo is, zegt eigenlijk alles.
De Commissie draait er opvallend weinig omheen. Het probleem zit niet in het spoor zelf, maar in de manier waarop het wordt verkocht. De systemen zijn versnipperd, nationaal georganiseerd en vaak nauwelijks met elkaar verbonden. Internationaal reizen betekent meestal dat je tickets moet combineren van verschillende maatschappijen, met alle risico’s van dien. Wat er dan ontbreekt, is precies wat in aviation al lang vanzelfsprekend is: één contract, één verantwoordelijkheid.
De cijfers maken het ongemakkelijk concreet. Op een vijfde van de internationale trajecten in Europa is het vandaag simpelweg onmogelijk om de volledige treinreis in één keer te boeken. Op langere afstanden wordt dat nog problematischer: meer dan de helft van de trajecten boven de 900 kilometer is niet beschikbaar als één geïntegreerde boeking. Het gevolg laat zich raden. Reizigers haken af. Uit onderzoek blijkt dat 61 procent al eens bewust heeft afgezien van een treinreis omdat het boekingsproces te complex was.
Misschien nog veelzeggender: het duurt gemiddeld zeventig procent langer om een internationale trein te boeken dan een vlucht.
Daar zit de kern van het probleem.
In de luchtvaart is die frictie al decennia weggewerkt. Wie een vlucht boekt met een overstap, denkt niet in termen van verschillende maatschappijen, systemen of tickets. De sector heeft dat achter de schermen opgelost, via interlining, codeshares en globale distributieplatformen.
Wat de Europese Commissie nu voorstelt, gaat daarom veel verder dan gebruiksgemak. Spoorbedrijven zouden verplicht worden om hun ticketdata te delen, hun aanbod beschikbaar te maken op externe platformen en, nog gevoeliger, zelfs tickets van concurrenten te tonen en te verkopen. Wie in zijn land een dominante positie heeft, moet het volledige aanbod transparant maken, niet alleen het eigen product.
De reacties zijn dan ook scherp. De sectororganisatie van Europese spoorbedrijven noemt het voorstel “ongezien” en wijst op de implicaties voor hun businessmodel. Eén quote vat de weerstand perfect samen: het is alsof Lufthansa verplicht wordt om Ryanair-vluchten te verkopen.
En daar zit het echte verhaal.
De Europese Commissie probeert de logica van aviation te introduceren in rail, maar botst daarbij op een sector die historisch nationaal georganiseerd is en weinig incentives heeft om die controle los te laten.
Dat levert een vreemde paradox op. Europa wil dat meer reizigers de trein nemen, zeker op korte en middellange afstanden. Om klimaatredenen, maar ook om de eigen interne mobiliteit te versterken. Tegelijk heeft het jarenlang een systeem laten bestaan waarin die trein commercieel achtergesteld blijft tegenover het vliegtuig.
Het resultaat is zichtbaar in de cijfers. In 2024 waren er ongeveer 400 miljoen intra-Europese vliegreizen, tegenover zo’n 150 miljoen internationale treinreizen. Dat verschil wordt vaak verklaard door snelheid of infrastructuur, maar dat is maar een deel van het verhaal. Het gaat evengoed over eenvoud. Over hoe makkelijk een reis te plannen en te kopen is.
Of nog eenvoudiger: over hoe een product wordt verkocht.
De sporen liggen er al.
De treinen rijden al.
Alleen de markt werkt niet als één markt.
De ironie is dat de trein eigenlijk alles in huis heeft om te winnen. Comfort, duurzaamheid, centrale stations, een groeiend netwerk van hogesnelheidslijnen. Maar zolang het kopen van dat product ingewikkelder blijft dan het boeken van een vlucht, zal het moeilijk blijven om het gedrag van reizigers fundamenteel te veranderen.
reacties